De hofnar is op de troon gaan zitten; nodeloos kwetsen is een deugd geworden." />

Hard//hoofd

Zomerboek 'Summer of 2069'

Wie is er bang voor GeenStijl?

Tekst Rutger Lemm

Een tijdje terug zaten de GeenStijl-kopstukken Rutger Castricum en Dominique Weesie aan de Tafel der Tafels: die van Mathijs van Nieuwkerk. Ze kwamen de plannen van hun nieuwe tv-zender PowNed presenteren. Daar zaten ze dan, de mannen waar de traditionele media doodsbang voor zijn. Wat zouden ze zeggen? Vol bravoure, zoals we dat van ze gewend zijn, nam vooral Weesie het woord. Hij repte over grootse plannen, maar kwam eigenlijk alleen met een vaag idee over een satirisch tv-programma. Castricum voegde daar nog aan toe dat hij een sportprogramma wilde maken. “Iets als ‘Die twee nieuwe koeien’. Er is genoeg over sport op tv, maar het gaat nooit verder dan de vraag ‘Wat ging er door je heen?’” Zei hij tegen Mathijs van Nieuwkerk, een van de bedenkers van Holland Sport, een diepgaand sportprogramma dat nog steeds heel veel kijkers trekt.

Er hing een vreemd soort spanning in de studio. Iedereen was bang dat Castricum plotseling een glas water naar tafeldame Yvon Jaspers zou gooien of dat Weesie zijn lul uit zijn broek zou halen om daarmee van Nieuwkerk te ‘interviewen’. Yvon Jaspers zei het zelfs letterlijk op haar karakteristiek kinderlijke wijze: “Ik ben een beetje bang voor jullie.” Maar de ‘jongens’ van GeenStijl bleven keurig netjes. Er ging een zucht van opluchting door het publiek toen Marga van Praag later in het programma vertelde dat ze voor de uitzending met de bad boys had gepraat en dat ze eigenlijk heel aardig waren. Ze hadden kinderen! Wie had dat gedacht. Castricum en Weesie werden vlug close-up in beeld genomen; ze lachten vriendelijk.

Het was een tekenend moment, die angst en de daaropvolgende opluchting daar in de Plantagestudio. Het deed me denken aan een debat aan de Erasmus Universiteit op 21 maart 2002, waarin het Paul Rosenmöller lukte om Pim Fortuyn van repliek te dienen: “Als jij aangevallen wordt, ga je theater maken, en dat is jouw zwakte!” Er volgde een ovationeel applaus uit de zaal vol studenten. Iedereen was opgelucht. Maar het was typisch dat de tegenstanders van Fortuyn met z’n allen maar één pakkende zin konden formuleren, terwijl hij er zelf honderden uit z’n mouw schudde (“Ga toch koken, mens!” was mijn favoriet). Melkert, Dijkstal en oh ja, Balkenende, zaten er telkens beteuterd bij. Het incident werd in Kopspijkers briljant gepersifleerd: Rosenmöller, gespeeld door Thomas van Luyn, bleef die ene zin steeds maar herhalen. De boodschap was duidelijk: hij wist niets anders.

Nu weet ook niemand wat we met GeenStijl aan moeten. Pim Fortuyn was een rasprovocateur, zoals de jongens (mannen) van GeenStijl dat ook zijn. Ik houd daar wel van. Men moet niet te comfortabel op de stoel zitten, daar word je gemakzuchtig van. De manier waarop Fortuyn de politiek wakker schudde, was prachtig. Net zoals het mooi is om te zien hoe GeenStijl de vastgeroeste, conservatieve wereld van de media knikkende knieën bezorgt. Het is heel belangrijk en onvermijdelijk dat dit soort figuren af en toe langskomen. De GeenStijl-stijl heeft zijn sporen verdiend door -mede dankzij een grote achterban (de ‘reaguurderders’)- een aantal journalistieke scoops te brengen.

Plasterk Castricum

Rutger Castricum omhelst minster Plasterk na de toekenning van zendtijd aan PowNed.

De redactie is duidelijk erg slim en heeft lang handig gebruik gemaakt van een massale onderschatting door de politiek en de traditionele media. Maar nu de rook opgetrokken is kunnen we eens goed bekijken wat GeenStijl eigenlijk waard is. Is het “een site waar geld wordt verdiend met leedvermaak” (de Volkskrant)? Of “de website van de onderbuik” (de Groene Amsterdammer)? Het is een feit dat GeenStijl overal schijt aan heeft. Ze schoppen tegen iedereen die het volgens hen verdient. De artikelen en de grappen zijn echter opvallend hol en soms zelfs schandalig onbeschoft. Ze bieden bovendien nergens oplossingen. De toon is onverminderd sarcastisch, bewust beledigend, kortom zeer negatief. Inhoudelijk stelt GeenStijl niets voor, zoals ook bij DWDD bleek. Maar het maakt mensen niet minder bang. Het probleem van ongenuanceerde provocatie is namelijk dat het bijna onmogelijk is om er op te reageren, laat staan om het af te troeven. Bovendien hebben enorm veel mensen behoefte aan een versimpeling en verharding van het publieke debat. Zo is het succes van GeenStijl volledig uit de hand gelopen.

Maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat de hofnar op de troon gaat zitten. Als iemand hem om een beslissing vraagt, rinkelt hij wat met zijn belletjes en vertelt wat slechte grappen. GeenStijl hoort nu zelf bij het etablissement dat het altijd zo bekritiseerde. Dat is een zeer zorgelijke ontwikkeling. Dominique Weesie heeft ooit gezegd dat GeenStijl de journalistieke stijl van de Britse tabloids in Nederland wil introduceren. In Duitsland en Engeland maken kranten als Bild en The Sun er al jaren een wedstrijd van om de meest kwetsende krantenkoppen te bedenken (de talloze rechtszaken worden betaald vanuit hun marketingpotje). Weesie was zelf jarenlang journalist bij de Telegraaf, de krant wiens stijl nog het meest op de riooljournalistiek van de tabloids lijkt en die sinds 2008 eigenaar van GeenStijl is. Maar deze krant ging hem blijkbaar nog niet ver genoeg. Zinloos kwetsen is op GeenStijl tot een deugd verheven.

Zowel de Telegraaf als GeenStijl hebben nu een eigen tv-zender. De tabloidstijl begint steeds meer te domineren; Weesie lijkt te slagen in zijn missie. Filosoof Rob Wijnberg signaleerde al een ‘vergeenstijlisering’ van de Nederlandse journalistiek: de krantenkoppen van nagenoeg alle kranten repten na het drama op Koninginnedag sensatiegeil van een ‘aanslag’ op het Koningshuis en dit werd vergezeld door foto’s van door de lucht vliegende mensen. Wijnberg zag hier de invloed van GeenStijl in. De verharding en versimpeling lijken terrein gewonnen te hebben. Hoe ver kan dit nog gaan? De LPF ging van nul naar zesentwintig zetels en implodeerde vervolgens. Dit was niet te danken een sterke reactie van de overige partijen, maar aan interne zwakheden. Die lijken bij GeenStijl te ontbreken.

Wat moeten we doen? De mannen van GeenStijl afschilderen als jongens die eigenlijk heel lief zijn, zoals bij DWDD? Dat is lekker veilig, maar een zwaktebod. Wat dan? Een door de VARA gesponsorde website oprichten die zich ongegeneerd als extreem links profileert? JOOP.nl ziet er mooi uit en de enorme media-aandacht gaf aan dat men het toejuicht dat Fransisco van Jole openlijk de confrontatie met GeenStijl zoekt. Maar het is ook geen oplossing om nog harder B te gaan roepen, als A succes heeft. Het is bovendien de eenentwintigste eeuw, links is allang niet hip meer. Het enige wat tegen GeenStijl in kan gaan is een positief geluid. Laat ze daar eens een televisieprogramma aan besteden: Holland’s Next Charismatic Leader. Er is in Nederland toch wel een intelligente, charismatische man of vrouw te vinden die kritische, doch positieve ideeën heeft en waarin de overeenkomsten in plaats van de verschillen tussen mensen benadrukt worden? We hebben behoefte aan iemand die oplossingen biedt en niet bang is om de hang naar populisme te gebruiken om zijn of haar boodschap met pakkende leuzen over te brengen.

Maar ja, er is maar één Barack Obama en die is al president van Amerika.

-Bekijk hier de uitzending van de Wereld Draait Door met de heren van PowNed -
We willen je iets vertellen. Hard//hoofd is al bijna tien jaar een vrijhaven voor jonge en experimentele kunst, journalistiek en literatuur. Een walhalla voor hemelbestormers en constructieve twijfelaars, een speeltuin voor talentvolle dromers en ontheemde jonge honden. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Én onze site is helemaal gratis. Hoe graag we ook zouden willen; zonder jou kunnen we dit niet blijven doen. We hebben namelijk te weinig inkomsten om dit vol te houden. Met jouw hulp kunnen we de journalistiek, kunst en literatuur van de toekomst mogelijk blijven maken, en zelfs versterken. Als je ons steunt, dan maken wij jou meteen kunstverzamelaar door je speciaal geselecteerde kunstwerken toe te sturen. Verzamel kunst en help je favoriete tijdschrift het volgende decennium door. We zullen je eeuwig dankbaar zijn. Draag Hard//hoofd een warm hart toe. Word kunstverzamelaar
Deel
Rutger Lemm is schrijver, grappenmaker en scenarist. In 2015 verscheen zijn debuut, 'Een grootse mislukking'. Hij is een van de oprichters van Hard//hoofd.
b
a
a

Hard//hoofd vecht voor de vrijheid van jonge makers om te kunnen wat ze willen. We hebben voor 8 maart 300 kunstverzamelaars nodig om te kunnen blijven voortbestaan. Word nu kunstverzamelaar en ontvang een gesigneerde Jan Hoek (én een prachtig Hard//hoofd-tasje).

Steun Hard//Hoofd