Hard//hoofd

Zomerboek

Een maand 'vaderschaps​verlof' is nog steeds niks

Hard//talk

Tekst Suzanne Schönbeck

De wereld staat in brand en dat mag niet onbeschreven blijven. De ING geeft voortaan een maand kraamverlof voor partners. Dit moet zeker niet alleen als cadeautje aan de werkende man gezien worden, aldus Suzanne Schönbeck.

ING kondigde deze week aan partners van nieuwbakken moeders een maand betaald verlof te gaan geven. Een maand is nog steeds niks, maar toch: hoera! Helaas zijn er nog altijd mensen die er de noodzaak niet van inzien. Ook vrouwen, gek genoeg. ‘Waarom moet de man verlof krijgen? Hij hoeft alleen zijn kwakje af te leveren…’ lees ik onder het nieuwsbericht op Facebook. En: ‘Zo dus de vrouw knapt het vuile werk op en meneer kan een maand naar de kroeg.’

Het is zo jammer dat deze vrouwen niet snappen dat een langer partnerverlof in hun eigen belang is. Niet alleen omdat hun partner dan de eerste periode thuis kan zijn om te helpen. Maar het gaat erom dat de partner, net als de vrouw, een paar maanden niet op zijn werk verschijnt. En dat heeft niets te maken met of de partner dat ‘verdient’, maar dat de werkende moeder dat verdient.

Toen dit jaar het meldpunt zwangerschapsdiscriminatie werd geopend liep het storm. 43% van de zwangere vrouwen of moeders op de arbeidsmarkt kregen in 2016 te maken met mogelijke discriminatie, bleek uit onderzoek van het CRM. Ook al is het zwangerschapsverlof bij de wet goed geregeld, de praktijk is anders. Vrouwen kunnen promoties mislopen, contractverlengingen gedag zeggen, met de nek aangekeken worden door collega’s die hun werk moeten overnemen, of geïntimideerd worden om harder te werken. Partners hebben hier geen last van: wanneer zij hun werkgever vertellen dat hun vrouw zwanger is, krijgen ze louter felicitaties te horen.

Wat in het toejuichen van een uitgebreider partnerschapsverlof vaak de boventoon voert is dat partners meer tijd met hun baby moeten doorbrengen voor een goede hechting. En begrijp me niet verkeerd, dat ís ook belangrijk. Maar dat is niet het enige wat op het spel staat. Als vrouwen ooit gelijke kansen willen krijgen op de werkvloer, moet hun arbeidsparticipatie niet alleen gestimuleerd worden, maar moeten partners dezelfde beperkingen van het ouderschap ondervinden.

Noem ik het zwangerschapsverlof, naar de mening van zovelen een cadeautje, nu een beperking? Ja, dat doe ik, want dat is het. Je kunt er om gezondheidsredenen niet voor kiezen het niet te nemen. En je mag ook niet als je drie weken na de bevalling weer fysiek in staat bent op een bureaustoel te zitten de rest van de weken aan je partner geven. De ongelijke verdeling van het verlof is volgens mij de voornaamste oorzaak dat er nog ongelijkheid in carrièrekansen en salaris tussen man en vrouw bestaat. En daar gaat het nog te weinig over in het verlofdebat.

Gezien het verlof voor vrouwen onmogelijk ingekort kan worden, is de enige oplossing partners dezelfde beperking op te leggen: 12 tot 16 weken verlof. Zo erg is die ene beperking nou ook weer niet, want de vrouw heeft er nog veel meer. Partners hoeven bijvoorbeeld niet 3 keer per dag tijdens vergaderingen weg te lopen om te gaan kolven in het hok waar ook de stofzuigers overnachten en daar stomme grappen over aan te horen (‘ik zou ook wel even willen golfen bwhahahahha’). Dus ze komen er nog steeds vrij goed vanaf.

 

Beeld: Mark Bakker



Deel op of
Suzanne Schönbeck is bureauredacteur bij Sdu Uitgevers en adjunct-hoofdredacteur van Hard//hoofd.
b
a
a