Hard//hoofd

Zomerboek

Kritisch zijn doe je maar in je eigen tijd

Hard//Talk

Tekst Yoren Lausberg

De wereld staat in brand en dat mag niet onbeschreven blijven. VVD-kamerlid Han ten Broeke stelde pasgeleden de subsidie voor magazine OneWorld ter discussie, naar aanleiding van een opiniestuk dat hem niet beviel. Volgens Yoren Lausberg ruikt dat naar één ding: censuur.

Je zou het door de alomtegenwoordigheid van Donald Trump en onze toepasselijke Apocalypsweek bijna niet meegekregen hebben: censuur. Subsidie en censuur tenminste, een lastige discussie. Aan het begin van de maand stelde VVD-kamerlid Han ten Broeke – naar aanleiding van een artikel van Quinsy Gario in het blad OneWorld – dat het maar tijd was om eens goed door het budget van het Ministerie van Binnenlandse Zaken te gaan.

Het zit namelijk zo: OneWorld, een magazine over mondiale verbondenheid en duurzaamheid dat mede bekend staat om hun onderzoeksjournalistiek, wordt gesubsidieerd door de overheid. In dit magazine schreef Gario een opiniestuk waarin hij de leegte van ‘diversiteit’ in Nederland aankaart, in de vorm van een aanklacht tegen De Kleurrijke Top 100 en 3FM’s Giel Beelen, die beiden in opspraak zijn geraakt. De Top 100 omdat zij Marianne Zwagerman als Keynote speaker binnenhaalde, Giel Beelen omdat hij Giel Beelen is – en omdat 3FM gesubsidieerd wordt door de overheid. Ten Broeke vond het maar een overbodig stuk, en twijfelde naar aanleiding hiervan openlijk aan het nut van de subsidie die ook OneWorld van de overheid ontvangt.pictureEen VVD’er die vragen stelt over de nuttigheid van subsidie is nog niet zo schokkend, het punt is echter dat Han ten Broeke dreigt zich te bemoeien met een journalistiek platform, enkel omdat een mening die hierin geuit wordt hem niet bevalt. Gario bevraagt in zijn artikel ook bepaalde subsidiestromen, echter is Gario niet bij machte om deze subsidies te bespreken met het ministerie. Ondertussen heeft Ten Broeke naar aanleiding van zijn kritiek op OneWorld al Kamervragen gesteld. Hiermee wordt luid en duidelijk een boodschap verzonden: als je subsidie ontvangt mag je niet te kritisch zijn, en werk ook vooral niet samen met Gario – als je je subsidie lief hebt tenminste.

Als de overheid vragen gaat stellen over “het nut” van hen die het wagen zich kritisch te uiten, wie durft zich dan nog kritisch te uiten? Bij monde van fondsen spreekt de overheid zich natuurlijk al uit over welke instellingen wel en niet gesubsidieerd moeten worden, maar het wordt beklemmend als de overheid deze keuzes zou maken of zou herzien aan de hand van specifieke uitingen van kritiek. Sterker nog: wanneer een bestuurder openbaar twijfels uit over het verstrekken van subsidie aan een instelling, nadat die zich inhoudelijk ergens over geuit heeft, dan zit dat wel erg dichtbij censuur. Het is alsof je baas zegt dat je best om vijf uur naar huis mag gaan, maar als je je het behoud van je baan belangrijk vindt; dan moet je wel eventjes wat overwerk maken. Iedereen snapt het.

Logischerwijze was er flink wat kritiek op Han’s (dreigement met) censuur. Hij verdedigde zich door te stellen dat een politicus een mening mag hebben over opiniestukken, en dat Nederland beter opiniestukken elders kan subsidiëren – aangezien de vrijheid van meningsuiting al helemaal puik is in Nederland. Lastige journalistiek ziet Han liever elders dan hier, dat moge duidelijk zijn.



Deel op of
Yoren Lausberg (1992) is researchmasterstudent Sociologie aan de UvA.
b
a
a