2 mei 2012

Persoonlijke poëzie

Bij de omgang met de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog heeft kunst, en met name poëzie, altijd een grote rol gespeeld. Het ontlokte de filosoof Theodor Adorno in 1949 de uitspraak dat het schrijven van gedichten na Auschwitz “barbaars” was. Elon en Rutger zijn het niet met deze wijze man eens; zij hebben juist door deze vorm beter inzicht in het begrip ‘oorlog’, en daarmee zichzelf, gekregen. Twee verhalen, twee gedichten, vier vertellers.

‘Todesfuge’ van Paul Celan (1948), voorgelezen door Peter Veldhuisen, docent Duits op het Vossiusgymnasium in Amsterdam. Hier vind je de opname van Celan zelf, die Veldhuisen zeer aanraadt.

Een goede les

Door Rutger Lemm

“Wat hebben we nu?” Het is de vaste vraag van de verveelde middelbare scholier bij het verlaten van een lokaal. Of tenminste van leerlingen als ikzelf, die het rooster nooit uit hun hoofd weten en wiens agenda bestaat uit een prop papier die uit de diepte van een broekzak gevist wordt. Ik zat in de tweede klas, ik stond aan het begin van een lange verwarrende puberteit, ik voelde me eenzaam en gefrustreerd, en het antwoord op mijn vraag was: “Duits. Veldhuisen. Lokaal 16.” De dag kon niet slechter worden.

Peter Veldhuisen was een kleine man, met kortgeknipt haar op zijn kalende hoofd. Hij droeg een montuurloze bril, een leren lerarentas, een tweedjasje, en soms een hoed. Zijn lessen werden gekenmerkt door het ritme en de autoriteit van een ervaren docent, waarbij hij de touwtjes stevig in handen hield. Een vriend van mij was altijd erg druk in de les. Bij Veldhuisen moest hij aan een apart tafeltje op het podium zitten, met zijn bovenlichaam plat op tafel. Hij stond dan ‘uit’. Wanneer er een bepaalde naamval aan de klas gevraagd werd, drukte Veldhuisen soms op een ‘knop’ op zijn bureau waarmee hij mijn vriend weer ‘aan’ zette. Deze schoot overeind en zei: “Die KindER spielen mit ihrEM Vater!” Waarna hij weer levenloos op het tafelblad neerviel. De mooiste Duitse woorden moesten we klassikaal reciteren, waarbij hij als een dirigent met zijn vinger heen en weer zwiepte. “Imbissstube. Eins, zwo, drei!” “IMBISSSTUBE.” Een woord met drie S’en achter elkaar. Mooi.

Veldhuisen was ongetwijfeld een goede leraar met een grote liefde voor zijn vak, maar in deze periode zat er een beetje venijn in zijn stijl. Hij had steeds minder geduld voor de grote balorigheid van mijn onhandelbare klas, en gaf bijna elke week een onverwachtse overhoring. De verrassing was er al snel van af en de banken van zijn lokaal stonden bijna permanent uit elkaar. Ik begon een hekel aan hem te krijgen, maar bleef misschien wel juist daardoor goed de lessen voorbereiden en haalde prima cijfers.

Op een gegeven moment moest ik bij hem komen. Mijn proefwerk van de week ervoor zat niet bij de ingeleverde blaadjes, zo zei hij. Volgens hem was er maar een verklaring: ik had de toets in mijn tas gestoken. Het zweet brak me uit; ik was niet de braafste leerling, maar dit zou ik nooit doen. “Je hebt nu een 1,” zo zei hij. “Maar je haalt goede cijfers, dus als je voor de rest een 8 gemiddeld blijft staan, schrappen we die 1.” Ik ging trillend naar huis en vertelde het verhaal. Dit was koren op de molen van mijn ouders, klassieke rechtvaardigheidsstrijders, die lange gewichtige brieven naar de school stuurden. Ik was doodsbang voor lokaal 16. Een week na het incident zette Veldhuisen me opeens op de gang om het proefwerk opnieuw te maken; ik weigerde, tot zijn grote woede. Na een lange strijd werd er een datum geprikt om de toets over te doen. Na dat jaar keerde Veldhuisen niet terug. Hij was overspannen.

Drie jaar later deed ik Duits-2 bij een andere lerares, wiens inspiratieloze lesuren me nog veel meer ergerden dan de discipline die in de tweede klas op ons drukte. Veldhuisen was al een tijdje terug voor de klas en een deel van mijn klasgenoten volgden hetzelfde vak bij hem. Ze waren unaniem enthousiast, en nadat ik een keer illegaal zijn les had bijgewoond, vroeg ik meteen om overplaatsing. Er leek iets van hem afgevallen, zijn mix van sarcastische, met baritonstem uitgesproken grappen en toewijding aan het overbrengen van de stof, maakten zijn les onweerstaanbaar. Er heerste orde, maar die werd met pretoogjes opgelegd. Hij had een heel prettige dynamiek met de leerlingen gevonden. We waren allemaal wat ouder geworden.

Ik keek uit naar de blokuren in lokaal 16, de enige momenten waarop ik echt deed wat op school de bedoeling was: in stilte mijn werk doen. Soms zette Veldhuisen operamuziek op om onze arbeidsethos te stimuleren. Hij had voor een aantal van ons een bijnaam; ik was ‘het journaille’ omdat ik bij de schoolkrant zat. “Dames en heren, laten we wel op onze woorden passen: het journaille is aanwezig,” sprak hij soms met lage stem. Het is de enige periode in mijn leven geweest dat een hele klas oprecht leergierig en enthousiast was. Ons favoriete onderdeel was poëzie, waarbij Veldhuisen met veel liefde Rillke en Goethe voorlas en ons geduldig de prachtige betekenissen uitlegde.

Toen kwam dat moment dat we Todesfuge van Paul Celan zouden behandelen. Toen ik hem afgelopen week opzocht voor bovenstaande opname, in zijn lokaal alsof er niets veranderd was, vertelde Veldhuisen dat hij elk jaar gespannen is, de avond voordat hij het gaat voorlezen. Het gedicht herhaalt beelden uit een concentratiekamp in verschillende variaties, als een muzikale fuga. Het kamporkest, de gravende gevangenen, de melk die zwart is van de crematierook, de lucht met ruimte voor de doden, de bewaker die aan zijn geliefde schrijft, het gouden haar van Margarete, het veraste haar van Sulamith. “Der Tod ist ein Meister aus Deutschland.” Het is van een hypnotiserende, hartverscheurende schoonheid. Nadat Veldhuisen het gedicht had voorgelezen, bleef het lange tijd doodstil in de klas. Ik had tranen in mijn ogen, ondanks mijn laatste puberale hardheid.

Kun je oorlog begrijpen? Waarschijnlijk niet, zeker niet als buitenstaander. Maar uit deze woorden sprak een pijn die niet van mij was, en die ik toch kon voelen. Ik zal het moment nooit vergeten. Mijn toch al grote respect voor meneer Veldhuisen bereikte nieuwe hoogten. Toen ik later geschiedenis ging studeren en in Berlijn ging wonen, dacht ik nog vaak aan hem terug en ik krijg nu nog kippenvel als ik het gedicht lees.

Goede leraren, dáár hebben we verdomme behoefte aan.

Beeld van het zogenaamde ‘Oranjehotel’, een gevangenis in Scheveningen waar tijdens de bezetting voornamelijk mensen uit het verzet in terecht kwamen.

‘De ballade van de ter dood veroordeelden’ (verzetsvers geschreven in 1940-1945) van Yge Foppema, voorgelezen door Hugo Heymans, voormalig directeur van het Emma Kinderziekenhuis.

Heer! Help Holland, ik kom wel terecht

Door Elon Heymans

Mijn vader en ik rijden door Scheveningen. Geprikkeld door een simpele associatie reciteert hij een gedicht. Hij kijkt stug voor zich uit, beleeft het, woord voor woord, en ik zeg elk woord stilletjes mee. Al zolang ik me herinner draagt mijn vader dit gedicht aan ons voor en ik heb me vaak afgevraagd waarom juist dit gedicht, van alles wat binnen onze familie over de Oorlog gezegd kan worden, zo’n indruk op hem en daarmee op mij gemaakt heeft.

Ik ben opgegroeid in een wereld zonder oorlog, zonder dreiging, zonder angst dat Duitsland of België binnen zouden vallen. Ik heb nooit geleerd om vragen te stellen aan de vrijheid die voor ons zo zwaarbevochten is, en ik kan me zelfs nauwelijks meer herinneren hoe het is om je paspoort te laten zien als je de grens over gaat. Het is gewoon zo. Vrede is normaal, en oorlog, dat is iets barbaars. Want oorlog is altijd barbaars. Iets uit barbaarse landen en uit een barbaars verleden. Toch?

Het is ook moeilijk voor te stellen, het idee dat we onderdrukt zouden worden door een vijand zo barbaars, dat het niet te bevatten valt. En bovendien lijkt het uit de tijd. Sinds de jaren tachtig hoor je niemand meer praten over ‘de Barbaarsche Vijand’, want dat is maar mystificerend en over-dramatisch. De laatste tijd hoor ik steeds vaker stemmen opgaan die beweren dat die beleving van de Oorlog naderhand is ontstaan en niet past bij de manier waarop we nu naar de Oorlog zouden moeten kijken. Liever dan te praten over de jaren ’40-’45, zegt men dat 4 en 5 mei moet gaan over onderdrukking en vrijheid, waar dan ook ter wereld. Maar die begrippen zijn zo abstract, zo weinig tastbaar, dat niemand precies weet wat ze echt betekenen en ons gepraat daarom zonder enige implicatie en zonder enige betekenis zal blijven.

Ik proef een angst om me heen de barbaarse vijand te benoemen, omdat ook de daders slachtoffers waren, omdat de keuze niet altijd zwart of wit was, omdat we gewend zijn geraakt te relativeren en ons simpelweg niet meer kunnen voorstellen dat er een hoger principe zou zijn, waard om je voor op te offeren.

Begrijp me niet verkeerd: dat het gros van de Nederlanders onder de bezetting noch collaborateur, noch verzetsheld was, is al sinds de jaren tachtig gemeengoed, en ik respecteer eenieders trauma, ook dat van kinderen uit foute families, zonder de behoefte om te vergelijken. Maar laten we niet dwangmatig proberen te relativeren, noch de beulen, noch de slachtoffers, noch de vernietigende apathie van de massa, want juist daarin schuilt de historische vertroebeling.

Tegen dat moderne relativisme spreekt dit gedicht. Op de binnenkant van een celdeur op het binnenhof in Den Haag stond een zinnetje gekrabbeld: ‘God, help mijn vrouw en kinderen! Ik kom wel terecht!’ Daarop geïnspireerd spreekt het juist over de tastbare implicaties van de Duitse onderdrukking. Het gaat over mensen die zich bevonden tegenover een meedogenloze vijand, maar gehoorzaamden aan het innerlijk bevel.

Zij stonden op hun post en wisten wel:
Wij zijn gering in aantal, weinig krachtig,
De vijand is barbaarsch en overmachtig,
En als hij toeslaat, treft zijn wraak ons fel
En het vergaat ons en den onzen slecht…
God sta hen bij! Wij komen wel terecht!

Het verbeeldt de bereidheid van mensen zichzelf weg te cijferen ten overstaan van een hoger doel. Telkens dat ik dit gedicht hoor, denk ik aan deze mensen, die de zeldzame helderheid van geest bezaten om met open ogen te kunnen zien wat zich afspeelde, en daar met overgave op te handelen. Dat komt op ons misschien bizar over, net zo bizar als het idee van een barbaarse vijand, maar dat is het niet en mag het ook niet zijn.

Mijn vader, vlak na de Oorlog geboren, is opgegroeid in een gezin dat, zo vermoed ik, niet bepaald patriottistisch was. Toch spreekt uit het gedicht, en met name het laatste couplet, een duidelijke vaderlandsliefde:

Prinsesse van Oranje, hoog verheven.
Die het symbool van ons verlangen zijt,
Wij weten wel: dit kost ons straks het leven,
Wij zien het licht nog slechts een korten tijd.
Maar als wij aanstonds vallen in den strijd
En eenzaam sterven op de hei in Haren,
Dan willen wij een laatsten zucht bewaren
Voor dit gebed op weg naar d’eeuwigheid:
Heer, Uw soldaat, die sneuvelt in ‘t gevecht,
Smeekt U: help Holland! Ik kom wel terecht.

Onlangs vroeg ik mijn vader hoe het kon dat hij als kind al zo geraakt was door een gedicht dat opriep je leven te geven voor het vaderland, terwijl datzelfde Holland zijn ouders verraden had. “Maar jongen,” antwoordde hij, “die mensen in het gedicht hadden juist een ander Holland voor ogen, en daar hebben ze met hun leven voor betaald.” Dat andere Holland, daarvoor is 4 en 5 mei.

Columns & Commentaar

Otto Lilienthal

TIP:
De lat hoog leggen

Ben je ook zo iemand voor wie goed nooit goed genoeg is, en schaam je je daar een beetje voor? Niet nodig, ontdekte Sophie. Je bent gewoon vol vuur en vol hoop.
14/04/14
Sophie ter Schure
Gabriel_Metsu_-_Man_Writing_a_Letter

TIP:
Briefroman

Stort je emoties uit over het papier. De Nederlandse literatuur kan wel wat meer bloed, zweet en tranen gebruiken.
11/04/14
Gastbijdrage
De grote meester Abu

Column:
De Grote Meester mr. Abu

Mag ik een tijdje bij jou logeren?” vraag ik. “Ik zit in de shit.
10/04/14
Laura van der Haar
s-woord_illustratie_leila_merkofer

Column:
Het s-woord

Bij de bespreking van Becks nieuwste album gebruikt Kasper toch het s-woord.
08/04/14
Kasper van Royen
Joseph_F._Smith_family

TIP:
Veel oma’s

Oma, moeke, de vriendin van oma en de vrouw van opa: Neles zoon heeft vier oma's. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd.
07/04/14
Gastbijdrage
OLYMPUS DIGITAL CAMERA

TIP:
Spiegelbeeld

Kijk af en toe eens goed in de spiegel en besef dat je net zo goed een slak had kunnen zijn.
04/04/14
Maite Karssenberg
marokkaansejongen

Re:
Marokkanenfictie

Volgens het Reformatorisch Dagblad zegt een fictieve Marokkaans-Nederlandse jongen genaamd Raoud bijvoorbeeld: "Mijn ouders weten eigenlijk niet zo goed wat ze met aan moeten, precies zoals een vertegenwoordiger van het Landelijk Beraad Marokkanen gisteren zei."
02/04/14
Jan Postma
Alice in wonderland

TIP:
Kijk omhoog

Wil je nog eens iets nieuws zien, tuur dan omhoog. De stad die je tot in detail dacht te kennen, krijgt iets magisch.
02/04/14
Paula Lina
nog-een-keergrijs

Column:
Nog een keer

Noor was plots verliefd – gelukkig was het niet wederzijds. Maar: wordt het nu elke keer minder geweldig als het goed gaat en minder ellendig als het fout gaat?
01/04/14
Noor Spanjer
Vondel

TIP:
Dramatiseren

Meestal vormt een correcte weergave van de feiten geen sterk verhaal. Dat is jammer, want het leven is best kleurloos als je er niet af en toe een schepje bovenop doet.
31/03/14
Jana Antonissen
vp-laura

Column:
Alle dieren die ik dood heb zien gaan

Laura van der Haar is toegetreden tot het keurcorps der hard//hoofd-columnisten. Ze opent met dode dieren. Heel veel dode dieren.
28/03/14
Laura van der Haar
belgieverhuizen

Re:
De strijd om de tussentaal

Over Nederlands en Vlaams en de noodzaak van een Algemeen Belgisch Nederlands: “Ik ga gaan. Ga jij gaan?”
28/03/14
Jana Antonissen
regine beer still

Re:
Regine Beer

Regine Beer overleefde de holocaust en heeft haar verhaal altijd willen delen. Op 23 maart 2014 overleed zij.
27/03/14
Joyce de Badts
tumblr_mqr6dpPoth1r29jt9o1_1280

TIP:
Aai eens een andere kat

Door te flirten met een andere poes gaat je eigen kat je weer waarderen.
26/03/14
Paula Lina
Speeltuin_illustratie_Leila_Merkofer

Column:
De eenzame speeltuin

Het relikwie van Kaspers vroegere mensenangst moet wijken voor Het Orakel.
25/03/14
Kasper van Royen
Meer Columns & Commentaar laden »

Artistiek

de alleenstaande zon in frankrijk - 600

Stiftgedicht:
De alleenstaande zon

Geert Simonis leest de krant met een stift. Op hard//hoofd deelt hij iedere maand een artikel dat hij vakkundig van overbodige woorden heeft ontdaan. De Tijd, 12 april 2014, p. 14
15/04/14
Gastbijdrage
grazers

Vroeger is alles beter:
De Hei

Een reeks vroege verhalen van Derk Fangman. 'Ik stond op het pad en zij ook, drie koppen keken me bewegingloos aan en ik keek terug, ook zonder te bewegen.'
13/04/14
Derk Fangman
intro 12

Doekes kamasutra:
Te stoned voor seks

Voorlopig de laatste kamasutra van illustrator Doeke van Nuil.
12/04/14
Doeke van Nuil
berg3

Vroeger is alles beter:
Skilift

Een reeks vroege verhalen van Derk Fangman. 'Don't lick the window, George.'
08/04/14
Derk Fangman
orange-caramel-catallena-food-packaging

Hoe K-Pop de wereld gaat veroveren

Het zal niet lang meer duren voor we allemaal neuriën in het Zuid-Koreaans.
07/04/14
Stephane Kaas
intro 11

Doekes kamasutra:
De #YOLO

Lente is: met zijn allen naar het park.
29/03/14
Doeke van Nuil
vroeger-is-alles-beter

Vroeger is alles beter:
Autobahn

Een reeks vroege verhalen van Derk Fangman. "Het parkeerterrein rond het tankstation staat vol met vrachtwagens, opgesteld als grafstenen op een kerkhof."
26/03/14
Derk Fangman
nachtkastjes

Nachtkastjes II

Foto's en verhalen bij het nachtkastje.
21/03/14
Beeldredactie
Illustratie_Pura_vida!

Pura Vida!

The pirate is a rich man.
18/03/14
Gastbijdrage
glitterstoep

Vroeger is alles beter:
Op de stoep

Een reeks vroege verhalen van Derk Fangman. 'Wat kon in godsnaam belangrijk genoeg zijn om in een brief te zetten?'
16/03/14
Derk Fangman
jammer dat het kamikazetheater grotendeels - 600

Stiftgedicht:
Kamikaze theater

Geert Simonis dicht met een zwarte marker het kamikaze theater ten onder.
15/03/14
Gastbijdrage
intro 10

Doekes kamasutra:
Koppelyoga

Illustrator Doeke van Nuil in downward facing dog.
15/03/14
Doeke van Nuil
Illustratie Agnes Loonstra

Kort verhaal:
De man die alles ziet

Hij ruikt een beetje naar azijn en is ervan overtuigd dat het toeval kwaadaardig is en kwaadaardigheid toeval.
11/03/14
Gastbijdrage
V_Bodies_HHformaat

[\/] – Bodies

Het piept, kraakt en knort, maar nooit zonder magnifieke melodieën.
10/03/14
Gastbijdrage
nachtkastje-II

Nachtkastjes

Een nachtkastje zegt soms meer dan duizend woorden.
07/03/14
Beeldredactie
Meer Artistiek laden »

Journalistiek

hardhoofd1

De kwalen van de Zonnekoning

Hiske bezocht in Parijs een museum met nierstenen, fistels en teringlijers.
14/04/14
Hiske Versprille
1619414_715271905171620_2065272068_n

Waarom we er niet buiten staan

Een verbale bitchslap.
09/04/14
Meredith Greer
Garden_Life-2 copy

Garden Life:
Zaken van leven en dood in onze tuin en luistervinken in het favoriete restaurant van John de Wolf

In de tuin gaan sommige dingen dood, terwijl andere overleven. Net als in het echte leven, zo blijkt tijdens het luistervinken in het favoriete restaurant van Feyenoord-legende John de Wolf.
09/04/14
Jan Postma
Maskers_illustratie2

Maskers houden van mensen

Gezichtsbedekking wordt een trend, orakelde trendwatcher Lidewij Edelkoort twee jaar geleden bij Zomergasten. Cultuurwetenschapper Joost Vormeer verdiepte zich in de functie van maskers.
02/04/14
Gastbijdrage
jeffwall1

Jeff Wall:
Poëzie op ware grootte

Van Jeff Walls fotografie ga je een heel licht hallucineren: "Het klinkt flauw, maar je gaat meer zien naarmate je langer kijkt." Sportschoenen bijvoorbeeld. En Philip Seymour Hoffman.
31/03/14
Jan Postma
katwijk2

Ruzie:
Kickboksen in Katwijk

Joris zoekt mensen die ruzie maken. In Katwijk vliegen de bloedspetters in het rond.
27/03/14
Joris Bellwinkel
maart 2014 Conway Hall HH (2)

Vrijdenkers versus vetjes

Aan een tafeltje in een oude Londense bibliotheek mijmert Maite over negentiende-eeuwse dwarsdenkers. Vandaag de dag strijden we voor andere dingen, concludeert ze.
24/03/14
Maite Karssenberg
her-580-540x342

Filmtrialoog:
Her

"Die seksscène is één van de intiemste seksscènes die ik ooit heb gezien, of eigenlijk heb ervaren."
20/03/14
Redactie
Krijgen_600

Krijgen wat je (niet) verdient

Wat zou er gebeuren als je iedereen maandelijks gratis geld geeft? Over kansen en beren.
14/03/14
Emy Koopman
Het Vijfde Seizoen_100214_025

Reportage:
Karaoke in het dodenpaviljoen

Een schrijfster loopt rond tussen de tbs-ers.
07/03/14
Gastbijdrage
Inferno

Drieluik:
Jubilea van 2014 III

De Eerste Wereldoorlog ligt ver genoeg achter ons voor een mooie herdenking. Het twintigjarige jubileum van het oorlogsjaar 1994 is een open wond. Confronterende beelden.
06/03/14
Gastbijdrage
simone

Beginnen

"Er is weinig wat je meer aan het leven doet hechten dan het plotselinge overlijden van iemand die jong is."
05/03/14
Emy Koopman
Illustratie-Wild-Vlees

Wild vlees

Na de eerste dertig is een schone breuk harstikke gemakkelijk.
05/03/14
Gastbijdrage
468px-Shakespeare

Haatweek:
Schelden als Shakespeare

Je bent een schurk, een losbol, een eter van vleesafval; een gemene, opgeblazen, miezerige, bedelende, honderd-enzoveelste schurk met drie pakken en vuile gebreide sokken aan; een hazenhart, een lafaard en de zoon en de erfgenaam van een bastaardteef.
01/03/14
Emy Koopman
zusjeshaat_kcheng[web]

Haatliefde

Maartje en haar zusje haatten elkaar alsof ze in een Griekse tragedie speelden: hartgrondig en zonder genade.
27/02/14
Maartje Smits
Meer Journalistiek laden »